http://maps.google.com/maps/ms?ie=UTF8&hl=en&msa=0&msid=114188684956392396517.00045a5143a7f888a75d3&z=4
Na 3 daagjes op zee, s’avonds terug aangekomen in Khao Lak waar we een goedkoop hostelletje vinden om s’morgens vroeg dan de bus te nemen richting Krabi.Phuket laten we onderweg links liggen. Ik heb geen zin in ‘Kuta (Bali) toestanden’ en Bert wil ook liever de nationale parken in.
Krabi
Na een paar uur op de bus komen we aan in het gezellig stadje. Via de ‘pick’ van de Lonely Planet belanden we in een supergezellige guesthouse. Heel eenvoudig, maar heel rustgevend met overal kunstwerkjes (fotos-schilderijtjes) van de eigenares sereen aan de muur (‘Chan Cha Lay’ guesthouse). Deze guesthouse wordt de uitvalsbasis om de verschillende nationale parken en bezienswaardigheden in de buurt de bezoeken.
Dag 1 houden we het bij een lange wandeling langs de pier en door het stadje, na al dat boot zitten doet een goeie wandeling ook wel eens deugd! Op het kleine strand nabij de vissersboten krioelt het van de krabben. En wat voor een: met 1 grote opvallende grote 'grijper' ipv van 2 (foto).
We gaan wat goedkoop shoppen, een broek voor Bert (in spotgoedkope klerenwinkels) en een prulbril voor mezelf.. de goeie zonnebril is gebroken, maar hier kan je echt niet zonder.
Op zoek naar wat badkamerspulletjes vallen de 'huidcremes' wel op. In plaats van de 'bruinmiddeltjes bij ons' zie je hier net het omgekeerde: whitening lotions. Een zoveelste bewijs dat de mensen er hier graag 'witter' (westerser) uitzien. Soms zie je zelf meisjes die hele dagen door met zitte creme op hun hoofd rondlopen om niet donkerder te worden. (Als je hier op sommige plaatsen buitenlanders ziet bakken in de zon met zo'n meisjes onder de schaduw van de palmboom.. de wereld zit grappig in elkaar)
We eten -zoals meestal smiddags- streetfood met heerlijke ananas als dessert (die zijn hier overheerlijk!!). En hoe de thaien die in 123 kunnen klaarmaken, met bijna geen verlies.. daar kunnen we nog wat van leren (foto).
We bezoeken de toeristoffice en verzamelen met foldertjes over wat er allemaal in de buurt te zien/te beleven valt. Wat net uit die foldertjes kun je gemakkelijk je eigen programma opstellen.. zonder voor de aangeboden 'packages' te moeten gaan.
De volgende dag huren we een motorbike richting ‘Bencha National Park’. We waren eerder op reis een Duits koppel tegengekomen die ons dit ‘rainforest’ park had aangeraden. De motorbike is daarenboven het perfecte vervoersmiddel om de streek te verkennen: helemaal onafhankelijk, je kan toch deftige afstanden afleggen en daarenboven spotgoedkoop (+- 4 euro/dag) (en Bert doet niet liever dan rijden).
Op de weg naar het park kan je onmogelijk naast 2 zaken kijken: palmolieplantages en rubberplantages. Op de 2 uur rijden wisselen deze zich continue af. Andere landbouwdoeleinden zie hier echt niet! (En als je weet dat de prijs van zowel de rubber als de palmolie ongelooflijk gezakt is beloofd dat niets goeds voor de lokale bevolking).
Ook op de huisjes langs de kant van de weg merk je een paar constanten: een antenne (voor televisie), een huistempeltje, en een auto of brommer voor de deur..
Eens aangekomen aan het nationaal park maken we een wandeling naar de watervallen (die het park gekend maken). De wandeling op zich was eigenlijk heel gelijkaardig aan de voorbije ‘rainforest-walks’ maar de watervallen waren echt wel mooi. Maar misschien hadden die Duitsers toch een beetje overdreven dat dit echt een must-must is.
Bij de lunch kan ik m'n nieuwe lens uittesten op een pauw die fier pauseert.
Vervolgens cruisen we naar de tempel ‘Wat Tham Seua’ (Tiger Cave Temple) een boeddhatempel in een grot gebouwd en meteen 1 van de sights van de regio. Een mega tempel vol met gouden Boeddha beeldjes.. ze kunnen er hier goed weg mee. Een paar monnikken geven tempels aan de Boeddha en ‘bidden’. Is toch wel een religie apart hoor, ik versta het nog allemaal niet goed hoe die in elkaar zit (later meer hierover). (detail: zie de vrouw op onderstaande foto, some basic respect for culture?)
Net naast de tempel is er een heel lange trap die naar de top van de ‘berg’ leidt (eigenlijk is dit een karstlandschap), 1239 steps.. en Bert maar tellen ;-). Boven worden we beloond met, jawel nog een gouden boeddha beeld, maar vooral een prachtig landschap onder ons: aan de ene kant een karstlandschap, aan de andere een lappendeken van palmolie-rubber plantages. In de verte zien we de rook van een palmoliefabriek en ware het niet bijna donker waren we daar zeker es een kijkje gaan nemen (want Bert en machines..).
Op de terugweg nog een grote markt bezocht met zowel planten,eten, meubels.. en kermismolentjes voor de kindjes. Thaise gezelligheid troef.
Kerstavond: Het thuisfront onze kerstgroetjes gedaan en dan gezellig gaan tafelen, te beginnen met een cocktail. De pintjes zijn hier niet echt te drinken, wijn komt uit Europa.. en echt goeie locale drank nog niet echt gezien. Het bestellen van de cocktail was daarentegen een goeie les: veel geld voor een beetje vruchtensap met een druppeltje alcohol. Volgend keer geven we onze thaise baths dus beter uit aan shots. Het kerstmaal was eenvoudig thais maar lekker, zij het met wat minder gangen waar ze thuis van zullen genieten.
De volgende dag wordt opnieuw een motorbike tochtje. Eerst nog wat practische problemen moeten regelen voor m'n vlucht.. die is verlegd naar 13 mei ipv 15 april. Het mooie leven kan niet blijven duren, dat is zeker, maar de tijd vliegt hier zo snel! Bert komt die laatste maand terug, met bestemming wordt Vietnam. Na al het geregel dan de brommer op voor een paar uur, richting bekende warmwaterbronnen. (Bestemming gekozenoOpnieuw op aanraden van andere reizigers en de 'package-toer-info'). De warmwaterbronnen op zich waren niet zo impressionant, maar een natuurlijk kristalhelder meertje gevoed door watervalletjes in de buurt was prachtig. Dit is 'Aqualibi' in het 'echt'! Meteen ook een favoriete weekenduitstap voor Thai zo te zien.
Dag vier in Krabi gaan we kayakken.ebben we een kayakochtje . Met de ‘Sawngtaew’ (letterlijk ‘2 rijen’ = een soort busje met 2 achterbanken) rijden we naar ‘Ao Leuk’ , een klein stadje dat eigenlijk niet wordt bezocht door de package tours. Na wat bargaining dan met de motorbike (alledrie op 1, bargainen is dan toch niet zo goed gelukt ;-)) richting een kleine pier in ‘Ban Bho Tho’. Dit dorpje ligt midden in een mangrovegebied en aan de pier die uitgeeft op de rivier liggen heel wat kayaks op bezoekers te wachten. De ‘thing to do’ hier, is grotten per kayak te gaan bezoeken en er de 2000-3000 jaar oude grottekeningen te bezichtigen. So we do.. Samen met een jong meisje die amper engels kan en haar klein broertje worden we gegidst naar de grotten. Blijkbaar is dit een populaire activiteit want onderweg komen we verschillende groepen kayakkers tegen met gids. De grotten waren wel mooi maar vooral het kayaktochtje in de mangroves was de moeite. Op zich zeiden die grottekeningen ons niet veel: heel eenvoudige rode tekeningen van handen en voeten en een lichaam van een persoon. (Stel je voor dat iemand er net met een rode steen een tekening heeft gemaakt, dan worden we hier allemaal mooi voor de gek gehouden ;-). Na het grottenbezoek krijgen we een ferme regenvlaag over ons wat de gidsjes snel terug naar de pier doet kayakken. Toch al druipnat besluiten we om er nog alleen op uit te trekken door de mangroven met de kayaks.
Op zich een heel apart ecosysteem: bomen/struiken die in zoute grond /brak water leven en luchtwortels hebben om in zuurstof uit de lucht te halen. Een paar mooie vogels gezien waarbij de fotocamera bijna altijd net iets te laat uit de waterdichte tas kwam. Onderweg ook een paar vissers tegengekomen en oesterfarms. Moesten die mannen weten met hoeveel geld we op stap zijn.. Druipnat dan terug op de moto, maar gelukkig dat het zonnetje hier quasi altijd schijnt .
Na een paar daagjes Krabi en vasteland besluiten we om toch nog een laatste keer te gaan duiken: Ko Phi Phi wordt de bestemming (op aanraden van de Lonely Planet)
Ko Phi Phi
Op de boot richting Ko Phi Phi komen we hetzelfde ‘type’ toeristen tegen als op Ko Tao. Waar we al een beetje schrik voor hadden bleek ook waar te zijn: opnieuw een ‘resort eiland’.. met horde toeristen die hier oudejaar komen vieren. Aan de pier op Ton Sai een ongelooflijke drukte. De eerste keer op deze trip dat er zo een concentratie aan toeristen is, en duikshops, en restos, en tattoo-zet-winkeltjes (de helft van de toeristen loopt hier met een tattoo rond, niet overdreven!), massage-huisjes (another thing to do in Thailand), hotels. En 'duik-boten' (ale, boten om te gaan duiken) in overvloed!
Het stadje heeft 4 jaar geleden een enorme tsunami over hem gekregen, honderden mensen zijn hier toen gestorven. Je mag bijna zeker zijn dat elke thai hier een familielid heeft dat toen is gestorven. Nu heeft de regering een noodplan uitgedokterd om zo'n ramp in de toekomst te voorkomen (met oa 'tsnunami-uitweg-bordjes) . Het stadje is al heel wat heropgebouwd, oa dankzij hulp van veel buitenlanders. Maar nog steeds is de heropbouw aan de gang.
We zoeken een goedkope slaapplaats (het goedkoopste dat we vonden was uiteindelijk het duurste dat ik tot hiertoe al betaald heb: +- 12 euro), bezoeken het drukke stadje Ton Sai. Gemotoriseerde voertuigen zijn niet toegelaten maar dat zou ook niet mogelijk zijn door de drukte. We plannen onze duiktrip voor de volgende dag en relaxen wat aan het goudgele strand. . de poging to snorkelen was niet echt ‘ontspannend’: in plaats van kayaks te huren om te gaan snorkelen (zoals de gewoonte hier is) wilden we van op het strand stappen naar de diepere gedeelten (bij laag tij).. maar de zee-egels maakten het meer een ‘zoek-een-bewandelbaar pad’ dan een aangenaam stapje. Bij de foto van de beach hoeft niet veel uitleg..
De volgende dag vroeg op richting de duikshop bij wie we 2 duiken gepland hebben, een wrackduik en een reefduik. Opnieuw overtreden we de PADI-duikregels: het wrack ligt op 30 meter diep, maar met de diepere duiken in de Similans doen ze wel een oogje dicht. Samen met een paar andere duikers de boot op, 2 uurtjes richting het wrack. De eerste duik is uiteindelijk een korte duik geworden: geloof het of niet, onze divemaster, die verplicht moet begeleiden en het wrack ook kent, kon haar oren niet ‘equalizen’ bij het dalen (oren doen suizen bij het dalen om het wennen aan de diepte) . Dus we hebben daar allemaal zitten wachten tot wanneer de ‘experte van de groep’ naar beneden kon. De wrackduik zelf was zeker es de moeite, deed me een beetje denken aan de onderzoekers van de ‘titanic’ en zo.. Een beetje spookee ook. De toiletten volledig verroest, donkere stukken onder water, en een weelde van vissen tussen de verschillende vertrekken. Helaas waren er op dat ogenblik nog verschillende groepen aan het rondduiken op hetzelfde wrak.. file onder water, jawel!
De tweede duik (aan de shark point) was dubbel zo lang en opnieuw heel mooie vissen/koralen gezien. Hoewel de locatie niet echt aan de Similans kon tippen, hebben we wel 2 haaien gezien en verschillende zeeslangen en opnieuw middenin een aquarium gezwommen! Op terugweg met de boot passeren we de bekende ‘beach’ van de film ‘The beach’ , weliswaar niet zoals het maagdelijk eiland van de film dan wel vol met boten voor de kust.
S’Avonds besluiten we om het duiken hierbij te houden. Het was heel mooi maar het begint hier op ‘massa-duiken’ te lijken en op Ko Phi Phi zelf valt weinig te bezoeken/beleven (afgezien van de vele bars etc.). De volgende ochtend maken we nog een mooie wandeling naar de viewpoint van het eiland, als dit geen ‘exotisch’ uitzicht is!
We komen nog een oude bekende tegen (toeriste dan), nemen na heel wat geklets afscheid en nemen de boot terug richting vasteland. Plan: oudejaar vieren in centrum Bangkok!



























